Op 16 mei 1944 werden aan beide zijden van de Merwede honderden jonge mannen
opgepakt en door de bezetter weggevoerd. Velen van hen keerden nooit terug.

Vorige persoon (J. Beek) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (A. Bennekum)

Naam: Jacob Gerrit Simon van Beek
Roepnaam: Gerrit
Geboren:Zaterdag 4 September 1920 te Sleeuwijk
Adres:Merwededijk 99
Woonplaats:Sleeuwijk
Beroep:Landarbeider
 
Anmeldung Lippendorf 32 Gerrit van Beek (Bron: boekje Brabantse Merwedegijzelaars)
 
Opgepakt bij de Razzia in Sliedrecht en Hardinxveld van 16 mei 1944: in de Dordtse Biesbosch .
 
Op dinsdag 16 mei 1944 per overvalwagen afgevoerd naar het PDA in Amersfoort
 
In het PDA werden alle persoonsgegevens genoteerd waaronder het beroep van de gevangene.
Gevangenenr:1075
 
Tussen 16 mei 1944 en 7 juli 1944 werden 263 gegijzelden vrijgelaten
Jacob Gerrit Simon van Beek is NIET vrijgelaten
 
Op 7 juli 1944 's-morgens om 02:30 uur werden de gevangenen afgemarcheerd naar het station in Amersfoort om per trein naar Duitsland vervoerd te worden.
 
Kampen in duitsland:
Plaats, kamp: Schkopau, Gemeinschaftslager
Plaats, kamp: Lippendorf, De Kippe
Plaats, kamp: Peres, Alpenrose
 
Overleden: Dinsdag 29 November 1977 te Woudrichem
 
Persoonlijk verhaal:
 

In het boekje Brabantse Merwedegijzelaars (uitgave Historische Vereniging Werkendam en De Werken c.a. uit mei 2011) lezen we het volgende:

De heer Gerrit van Beek werkt in 1944 als landarbeider op de boerderij van Cor van der Merwe in de Dordtsche Biesbosch. Samen met Cees Paans en diens vader wordt hij opgepakt en moeten ze met een roeiboot de Beneden Merwede over steken. De vader van Cees Paans wordt weer vrijgelaten en zelf wordt Gerrit met Cees Paans naar de School met den Bijbel in Hardinxveld gebracht om op transport te worden gesteld naar Kamp Amersfoort. Begin juli 1944 gaat hij op transport naar Duitsland. Hij verblijft in de kampen Schkopau, de Kippe in Lippendorf en Alpenrose te Peres. Op 16 april 1945 wordt Van Beek bevrijd, samen met Cees Paans. Zij gaan dan op zoek naar Janus Paans, een broer van Cees Paans, die tewerkgesteld is in Kassel. Vanaf Kassel reizen ze per trein via Nancy en Maastricht naar Raamsdonksveer. Daar varen ze over naar Hank.
Gerrit van Beek blijft zijn leven lang vrijgezel en woont lange tijd bij zijn moeder. Later woont hij bij verschillende familieleden in huis. Zijn neef Karel van Beek vertelt dat hij nooit sprak over zijn kampervaringen. Wel noemt hij hem een stille, wat zonderlinge man, mogelijk ten gevolge van zijn kampverleden.


Vorige persoon (J. Beek) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (A. Bennekum)