Op 16 mei 1944 werden aan beide zijden van de Merwede honderden jonge mannen
opgepakt en door de bezetter weggevoerd. Velen van hen keerden nooit terug.

Vorige persoon (W. Hins) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (M. Hoek)

Naam: Kornelis van Hoek
Roepnaam: Kees
Geboren:Woensdag 23 September 1925 te Sliedrecht
Adres:A 591
Woonplaats:Sliedrecht
Beroep:Technisch tekenaar
 
Achter de woning links vooraan op de foto lagen Kees van Hoek, Maarten Kraaijveld en Bas van den Herik verstopt in de dakgoot (Wijk A 414), Detail plattegrond Wijk A, 414 waar Kees van Hoek, Bas van den Herik en Maarten Kraaijeveld in de goot verstopt lagen.
 
Opgepakt bij de Razzia in Sliedrecht en Hardinxveld van 16 mei 1944: voor de woning A 414 in Sliedrecht.
 
Op dinsdag 16 mei 1944 per overvalwagen afgevoerd naar het PDA in Amersfoort
 
Tussen 16 mei 1944 en 7 juli 1944 werden 263 gegijzelden vrijgelaten
Kornelis van Hoek is vrijgelaten: Juni 1944
 
Persoonlijk verhaal:
 

In een brief van november 2012 vertelt de heer Van Hoek het volgende over de razzia en welke gevolgen die voor hem had:
‘Dinsdag 16 mei 1944: een dag en datum om nooit te vergeten. Ik was die dag om circa 7.00 uur op weg naar mijn werk (ik werkte als technisch tekenaar bij E.M.F. DORDT te Dordrecht) toen mijn tante op wijk C 210 mij aanhield en zei dat de moffen met een razzia bezig waren en ik beter terug naar huis kon gaan. Daar aangekomen was het de vraag: ‘waar verstoppen we ons?’ Overwogen werd ons tussen het hout te verstoppen op de werf van Van der Vlies. We, dat waren Maarten Kraaijeveld, Bas van den Herik en ik. Toch leek ons dat niet veilig genoeg en we zijn toen in de dakgoot van de familie Kroon gaan liggen (wijk A, 414 zie foto en plattegrond). Na verloop van tijd hoorden we de moffen op de zolder van de familie Kroon rommelen. We lagen in de dakgoot wel in het zicht van een Duitse patrouilleboot op de rivier. We liepen daardoor het gevaar dat ze ons met een verrekijker zouden zien liggen en dit door zouden geven aan de wal. We besloten toen te proberen in een nabij gelegen griend te komen. Toen we de stoep opgingen, kwam er toevallig een mof langs, die ons toen te grazen had. Het bleek een Oostenrijker te zijn, die goed Nederlands sprak: hij had jaren op de kabelfabriek te Alblasserdam gewerkt. Door hem zijn we toen naar de Hervormde Kerk gebracht en na verloop van tijd werden we met vrachtwagens naar Amersfoort vervoerd. De andere dag zagen we veel bekenden, waaronder Riens Honders. Na circa 14 dagen moesten we met 10 man op het appel uittreden, dat was 's morgens om 8.00 uur. Toen de hele dag op de appelplaats gestaan, alwaar we enkele keren werden bezocht door de beruchte 'fietsenmaker' (Westerveld) uit Zutphen. Hij vertelde ons dat we naar Utrecht zouden gaan. Utrecht betekende dat je als gijzelaar geëxecuteerd zou worden, dus geen leuk vooruitzicht. Echter aan het eind van de dag kwam men onze papieren brengen en dat betekende dat we naar huis mochten. Het was inmiddels zo laat (dit hoorde bij de tactiek) dat we die dag niet thuis konden komen (per trein niet verder dan Dordrecht)'. Ik heb toen bij een tante die daar woonde geslapen - de andere jongens sliepen die nacht in een goederenwagon op het spoorwegemplacement in Dordrecht - en kon de volgende dag naar huis. Wij waren in het kamp nog niet kaalgeschoren.

Achteraf bleek dat deze razzia een represaille was voor het feit dat een week daarvoor een aantal landwachters door de ondergrondse waren beschoten met als gevolg tenminste één dode en een aantal gewonden. Dat ik eerder werd vrijgelaten, is door toedoen van iemand van de zaak die in Den Haag is geweest en daar vertelde dat ik onmisbaar was voor het arbeidsproces.

De in Sliedrecht alom bekende Nijs Maat zat ook in Kamp Amersfoort, echter niet als gijzelaar maar als zwarthandelaar.'

 


Vorige persoon (W. Hins) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (M. Hoek)