Op 16 mei 1944 werden aan beide zijden van de Merwede honderden jonge mannen
opgepakt en door de bezetter weggevoerd. Velen van hen keerden nooit terug.

Vorige persoon (A.J.J. Ceelen) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (C. Colijn)

Naam: Teunis Ceelen
Roepnaam: Teunis
Geboren:Zondag 22 Februari 1925 te Sliedrecht
Adres:Stationsweg 196
Woonplaats:Sliedrecht
Beroep:Kontorist
 
Anmeldung Lippendorf 34 Teunis Ceelen omstreeks 1943/1944 Overlijdensadvertentie Teunis Ceelen in de Merwestreek van 4 november 1949 Stukje, waarschijnlijk uit de Kerkbode, over de dienst voor G. de Bruin, T. Ceelen en A. de Kluijver Stukje uit de Merwestreek van 11 november 1949 over herbegrafenis G. de Bruin, T. Ceelen en A. de Kluijver Rouwkaart Teunis Ceelen Graf Teunis Ceelen te Sliedrecht Lijst (1) die Henk de Jong in De Kippe te Lippendorf bijhield van overleden gevangenen Rouwadvertentie Teunis Ceelen, bron: Nooduitgave "De Merwebode", 19 januari 1945 Häftlingsgeldverwaltung Teunis Ceelen Kamp Amersfoort (Bron: digitaal archief ITS Bad Arolsen)
 
Opgepakt bij de Razzia in Sliedrecht en Hardinxveld van 16 mei 1944: thuis Sliedrecht.
 
Op dinsdag 16 mei 1944 per overvalwagen afgevoerd naar het PDA in Amersfoort
 
In het PDA werden alle persoonsgegevens genoteerd waaronder het beroep van de gevangene.
Gevangenenr:1098
 
Tussen 16 mei 1944 en 7 juli 1944 werden 263 gegijzelden vrijgelaten
Teunis Ceelen is NIET vrijgelaten
 
Op 7 juli 1944 's-morgens om 02:30 uur werden de gevangenen afgemarcheerd naar het station in Amersfoort om per trein naar Duitsland vervoerd te worden.
 
Kampen in duitsland:
Plaats, kamp: Schkopau, Gemeinschaftslager
Plaats, kamp: Lippendorf, De Kippe
Plaats, kamp: Peres, Alpenrose
 
Werkplekken in duitsland:
Plaats, plek: Böhlen / Lippendorf, BRABAG en de A.S.W.
 
Overleden: Vrijdag 10 November 1944 te Lippendorf, Landkreis Borna
Herbegraven: Dinsdag 8 November 1949 te Sliedrecht (Graf A 78)
 
Persoonlijk verhaal:
 

Het persoonlijke verhaal van Teunis (Teus) Ceelen (22-02-1925) is op 21 oktober 2015 verteld door zijn jongste zus Greet van der Weijde-Ceelen (1938):

'We waren thuis met acht kinderen, vijf jongens en drie meiden, waarvan ik de jongste was. Op de dag van de Merwerazzia - 16 mei 1944 – werden mijn twee oudste broers Jos en Teus thuis aan de Stationsweg opgepakt. Mijn ouders en ik waren niet thuis, we waren op bezoek bij familie van mijn moeder ergens in het Land van Heusden en Altena. Ik was nog geen zes jaar, ik kan me er praktisch niets meer van herinneren. Mijn zus Mieke was die dag wel thuis, ze lag ziek (pleuritis) in bed. Zij vertelde later dat Teus nog naar boven was gerend om zijn bijbeltje te pakken en de foto van zijn vriendin. Zus Mieke kreeg ook nog een knuffel van hem en dat was het.

Mijn oudste broer Jos, die bijna twee jaar ouder was dan Teus, is in Kamp Amersfoort vrijgelaten. Waarom weet ik niet precies. Mijn moeder schijnt tegen Jos gezegd te hebben toen hij thuis kwam: ‘Waarom heb je Teus niet meegebracht?’ Dat zijn woorden die nog lang zijn blijven hangen, want Teus werd in juli 1944 in Amersfoort op transport naar Duitsland gesteld en kwam nooit meer thuis. Hij is op 10 november 1944 overleden in Lippendorf. Wij kregen daar geloof ik pas in januari 1945 bericht van. Vijf jaar na zijn dood - in november 1949 - is Teus herbegraven op de begraafplaats in Sliedrecht.

Omdat ik nog zo jong was, heb ik zelf weinig herinneringen aan mijn broer. Ik weet nog wel dat hij heel huiselijk was, heel anders dan Jos, dat was veel meer een vrijbuiter. Af en toe mocht ik met Teus mee in zijn zeilboot en ik vond het erg spannend als we dan heel schuin gingen. Dat is zo’n beetje de enige herinnering die ik echt aan hem heb. En nog steeds heb ik de piek in bezit die Teus ooit van mijn moeder heeft mogen kopen voor in de kerstboom.

Thuis werd er nooit meer over Teus en de oorlog gesproken. Als ik daar nu over nadenk, vind ik dat heel raar, maar ik denk ook wel dat ik gezien mijn leeftijd destijds van veel dingen werd weggehouden. Mijn moeder is in 1978 overleden. Kort voor haar dood, hebben we nog wel over Teus gesproken en toen zei ze: ‘Ach kind, ik denk er nog steeds elke dag aan’. Bij mijn broer Jos hetzelfde verhaal. Aan het eind van zijn leven, toen hij al ziek was, vertelde hij een en ander over de oorlog. Heel summier, maar toch’.


Vorige persoon (A.J.J. Ceelen) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (C. Colijn)